Waarom kiezen voor inbouw trapverlichting?
Bij inbouw trapverlichting bouwt u kleine spots in de muur naast de trap. Het armatuur zit vlak in de wand, dus er steekt niets uit: u ziet een klein kapje en het licht op de trede. Dat is prettiger dan één lamp boven aan de trap, want u kijkt niet tegen het licht in, en het oogt rustiger dan een lichtslang of een opbouwlampje.
De spots in deze collectie werken rechtstreeks op 230V en worden in een gewone inbouwdoos gemonteerd. U hoeft dus geen aparte driver of trafo achter de wand weg te werken. Dezelfde spots zijn ook prima te gebruiken als wandverlichting in een gang, hal of slaapkamer.
Past het in mijn muur?
De spot wordt altijd in een inbouwdoos gemonteerd, niet los in een uitgezaagd gat. Dat is meteen het goede nieuws, want zo'n doos zit in de meeste woningen al in de muur.
- Gatmaat Ø68 mm. De standaard zaagmaat voor inbouwdozen en centraaldozen in Nederland.
- Inbouwdiepte 39 mm. Deko-Light adviseert 60 mm inbouwruimte achter de wand. In onze eigen test paste de spot ook in een standaard centraaldoos van 50 mm diep, inclusief de bedrading erachter.
- Schroefgaten op de standaardmaat. De bevestigingsgaten van de spot vallen exact samen met die van een standaard centraaldoos of inbouwdoos. U schroeft hem er dus zo in vast. Beugels, veren of hulpstukken zijn niet nodig.
In een gipswand of voorzetwand plaatst u een hollewanddoos. In een massieve muur boort u een gat van 68 mm en zet u daar een inbouwdoos in. Wordt er nog gestuct of getimmerd, laat de elektricien dan gewoon standaard dozen plaatsen op de gewenste hoogte. Speciaal montagemateriaal is niet nodig.
Er zit al een inbouwdoos in mijn gang. Kan ik die gebruiken?
Dan bent u er bijna. Een doos van een oud wandlampje, een afgedopte doos in de gang of een centraaldoos die nooit gebruikt is: de schroefgaten van de spot vallen precies op de bestaande schroefpunten. Deksel of oud armatuur eraf, draden controleren, spot erin. Geen hakwerk, geen nieuwe leidingen, geen stucwerk repareren.
Controleer twee dingen voordat u bestelt: zit er daadwerkelijk een doos in (en niet alleen een gat met draden erin), en welke draden erin zitten. Dat laatste bepaalt welke uitvoering u nodig heeft. Hieronder leest u hoe dat zit.
Welke draden moeten er in de doos zitten?
Deze spots zijn klasse I: ze worden geaard aangesloten. In de doos moet aanwezig zijn:
- Fase (bruin of zwart), of een schakeldraad als u de verlichting met een schakelaar wilt bedienen
- Nul (blauw)
- Aarde (geel-groen)
Ontbreekt de aarde, wat in oudere woningen op lichtgroepen voorkomt, dan is deze spot niet geschikt. Dat is geen formaliteit: bij klasse I hoort de aarde bij de beveiliging van het armatuur.
Ik heb alleen een permanente fase, geen schakeldraad
Dan kunt u de spots niet met een wandschakelaar bedienen. Kies in dat geval de uitvoering met bewegingssensor. Die staat continu onder spanning en schakelt zichzelf in zodra er beweging is. U hoeft dus geen schakeldraad bij te trekken en geen leidingwerk open te breken. In een bestaande situatie is dat vaak de snelste en goedkoopste oplossing.
Elke spot heeft een eigen infrarood sensor met een bereik van 1 tot 3 meter. Na de laatste beweging blijft het licht ongeveer 3 minuten aan.
Schakelen of dimmen?
- Schakeldraad aanwezig: een gewone schakelaar volstaat. Wilt u meer sfeer, vervang die dan door een LED dimmer met fase-afsnijding. De uitvoering zonder sensor is gewoon dimbaar.
- Alleen permanente fase: de sensoruitvoering. Die is niet dimbaar, maar u kiest met de power switch wel tussen 2W en 4W.
Hoeveel spots heb ik nodig en op welke hoogte?
- Aantal: reken op één spot per drie tot vier treden. Bij een gemiddelde trap van 14 tot 16 treden zijn dat er 4 of 5. Eén spot verlicht namelijk meer dan alleen de trede eronder: de bundel loopt over ongeveer een meter trap door.
- Dichter ritme: wilt u het strakker en gelijkmatiger, ga dan naar één spot per twee treden. Mooi bij een open trap die in het zicht staat, maar wel feller en duurder. Eén spot per trede geeft een doorlopende lichtlijn en ziet u vooral bij ontwerptrappen.
- Hoogte: ongeveer 20 tot 30 cm boven de trede. Dan valt het licht mooi over het looppad zonder in de ogen te schijnen.
- Draai of bordes: zet er in elk geval één bij de onderste trede, één op het bordes en één bij de bovenste trede. Daar stapt men het snelst mis.
- Doorlussen: kan. U sluit meerdere spots eenvoudig op één leiding aan.
Twijfelt u tussen twee aantallen, begin dan met het laagste. Het licht van deze spots is voor een trappenhuis royaal, zeker met een brede lichtbundel. Een spot bijbestellen kan altijd nog.
Welk lichtbeeld kiest u?
Elke spot wordt geleverd met een verwisselbaar kapje, en dat kapje bepaalt hoe het licht valt:
- Brede lichtbundel. Waaiert uit over de volle breedte van de trede. De meest gekozen uitvoering.
- Smalle lichtbundel. Een gerichte bundel naar beneden, rustiger en subtieler.
- Glas, diffuus licht. Melkglas waardoor de spot zelf zacht oplicht. Oriëntatielicht in plaats van een bundel.
Het kapje zit aan de voorzijde en wisselt u later zonder de spot uit de wand te halen. Bekijk alle losse kapjes voor de Alwaid Pro en Alwaid Pro Motion, verkrijgbaar in wit en zwart. Let op: de kapjes van de Pro en de Motion passen niet op elkaar.
Niet alleen voor de trap
Dezelfde wand inbouwspots werken goed in een gang, hal, kelder of slaapkamer. Overal waar u laag, gericht licht wilt zonder een lamp die uit de muur steekt. Met een glaskapje wordt het een subtiel nachtlicht langs de vloer.
Weet u het niet zeker?
Twijfelt u over de doos in uw muur of over welke draden erin zitten, vraag het dan aan uw installateur of neem contact met ons op. Aansluiten op 230V is werk voor iemand die weet wat hij doet; de keuze voor het juiste model maken we graag samen.